Oorlogen in het Midden-Oosten en Oekraïne, stijgende energie-, gas- en olieprijzen, een hoog wereldwijd sojaverbruik, handelsdeals tussen de VS en China, de EUDR-wetgeving… Er zijn genoeg oorzaken aan te wijzen voor de hoge sojaprijzen. En bij uitbreiding: voor de hoge eiwitprijzen.
Sojaschroot is nochtans een uitstekende eiwitbron voor runderen en wordt vaak als onmisbaar beschouwd. Maar is dat wel zo?
Een koe gaat namelijk niet bijzonder efficiënt om met het eiwit dat ze opneemt. Ruwweg 70% van het opgenomen eiwit (of stikstof) wordt opnieuw uitgescheiden via mest, urine of melk. Een eiwitefficiëntie van ongeveer 30% dus. Dat kan beter.
Hoe efficiënter we het beschikbare eiwit benutten, hoe minder dure sojaschroot we nodig hebben, zonder in te boeten op prestaties.
Eiwit optimaliseren
Aminozuren zijn de bouwstenen van eiwit. Elk aminozuur moet in voldoende mate aanwezig zijn om lichaamseiwit of melkeiwit te kunnen aanmaken. Zodra één aminozuur onvoldoende beschikbaar is, wordt de eiwitaanmaak beperkt en worden de overige aminozuren uitgescheiden.
Dit principe wordt klassiek voorgesteld als de ton van Liebig: de laagste plank bepaalt hoeveel water de ton kan bevatten.
Door de beschikbaarheid van de meest limiterende aminozuren te verhogen, kan de eiwitefficiëntie sterk verbeteren. Hierdoor kan het zelfs mogelijk zijn om minder ruw eiwit te voeren, zonder productieverlies.


Bivit kan deze aminozuurbehoeftes zeer nauwkeurig berekenen met behulp van het Amerikaanse CNCPS-model. Zo kunnen we het rantsoen optimaliseren op zowel eiwit- als aminozuurniveau.
Wat kan dat opleveren?
Afhankelijk van de samenstelling van het totale rantsoen kan 650 gram sojaschroot HP per koe per dag worden uitgespaard. Bij een prijs van meer dan €450/ton betekent dat €0,30 besparing per koe per dag.
Daar staat uiteraard de kostprijs van de nodige aminozuren en andere additieven tegenover. Afhankelijk van de situatie bedraagt die ongeveer €0,10 tot €0,20 per koe per dag.
De 650 gram sojaschroot die de koe minder opneemt, wordt vervangen door de rest van het rantsoen = extra nutriënten voor zelfs een hogere melkproductie!
Voordelen
- Lagere voerkost en/of een hogere vet- en eiwitproductie
- Betere vruchtbaarheid
- Minder ammoniakvorming in de pens = lager melkureum en betere levergezondheid
Nederlander of Belg?
Voor Nederlandse veehouders is er nog een belangrijk bijkomend voordeel. Hoe minder eiwit en stikstof we aan de koe voeren, hoe lager het melkureum zal zijn en hoe minder stikstof uiteindelijk in de mest terechtkomt. Dat kan een belangrijk voordeel opleveren binnen de BEX-berekening. Een echte win-win-win dus.

Belgische veehouder? Helaas is er voorlopig nog geen rantsoenmaatregel opgenomen in de Vlaamse PAS-maatregelen. Er loopt momenteel wel het VoederPAS-project. Binnen dit project werd al aangetoond dat een verlaging van het ruw eiwitgehalte in het rantsoen met 1 procentpunt kan leiden tot een vermindering van de ammoniakemissie met ongeveer 10%. Het probleem is momenteel de borging: er is nog geen praktisch systeem waarmee dit op bedrijfsniveau voldoende kan worden gecontroleerd. Daardoor is de maatregel voorlopig niet opgenomen in de PAS-lijst.
Bewezen in de praktijk
Het principe achter deze aanpak is uitgebreid wetenschappelijk onderzocht. Maar ook Bivit heeft hier zelf onderzoek naar gedaan.
In 2023 zetten we een eigen proef op, met verbluffende resultaten. In 2024 werd het principe vervolgens verder onderzocht door een studente van de KU Leuven in haar masterproef, waarbij Bivit als co-promotor betrokken was. Ook deze studie bevestigde de resultaten.
Benieuwd naar de resultaten? Of wilt u weten hoeveel soja u in uw eigen rantsoen kunt besparen en wat dit kan betekenen voor de prestaties en voerkosten van uw koeien? Neem contact op met uw Bivit-adviseur.
